Verwezen naar Lansbergen Audiologie

Wat kunt u verwachten bij uw eerste bezoek voor audiologisch onderzoek

Audiologische Zorg

U bent door uw audicien verwezen naar Lansbergen Audiologie voor aanvullend gehooronderzoek. De audicien volgt hiermee een afgesproken richtlijn.

Huisarts, KNO-arts, audicien en audioloog werken volgens duidelijke afspraken over wie welke zorg verleent. Veel gehoorproblemen kunnen prima door de audicien worden behandeld, maar in sommige situaties is aanvullende expertise nodig. Dan wordt u verwezen.

Waarom bent u verwezen?

Er zijn verschillende redenen waarom uw audicien u heeft doorgestuurd. Enkele voorbeelden:

  • Gehooronderzoek bij de audicien gaf geen betrouwbare uitslag
  • Ernstig gehoorverlies
  • Moeite met het verstaan van spraak, ook met een hoortoestel
  • Vragen rondom de omgang met uw gehoorverlies
  • Problemen op het werk of op school door uw gehoor
  • Aanhoudend en ernstig oorsuizen (tinnitus)
  • Een hoortoestel-aanpassing die na drie maanden nog niet naar tevredenheid werkt

Heeft u vragen over de specifieke reden van uw verwijzing? Uw audicien kan u daar meer over vertellen, of u kunt dit bij ons navragen tijdens uw eerste afspraak.

Wat kunt u verwachten?

Bij uw eerste bezoek voeren wij uitgebreid gehooronderzoek uit. Het onderzoek brengt precies in kaart hoe uw gehoor functioneert. Na afloop bespreken wij samen de uitkomsten en wat die voor u betekenen. Indien nodig starten wij een traject voor hoorrevalidatie. In nauwe samenwerking met uw audicien selecteren we de hulpmiddelen die het beste aansluiten op uw situatie.

Heeft u last van oorsuizen?

Dan besteden wij hier specifiek aandacht aan. Tinnitus kan een grote impact hebben op uw dagelijks leven. Wij onderzoeken uw klachten zorgvuldig en bespreken welke begeleiding of behandeling voor u het meest passend is.

Wie kan u verwijzen?

U kunt worden verwezen door uw audicien, huisarts of KNO-arts. Voor een verwijzing via de audicien geldt dat deze StAr-geregistreerd moet zijn.

Let op: Deze informatie is bedoeld voor volwassenen. Voor kinderen gelden andere verwijsregels, die zijn vastgelegd in het geldende NOAH-protocol.